Zere bekjes (Ecthyma)

Wat is ecthyma?
Zere bekjes of ecthyma is een besmettelijke aandoening van huid en slijmvliezen die zorgt voor blaasjes en korstjes op de huid. De veroorzaker is een virus dat behoort tot de pokkenvirussen (parapox-virus). Ecthyma verspreidt zich door direct contact tussen lammeren maar ook de korsten die van wondjes afvallen kunnen gedurende lange tijd besmettelijk zijn.  

Welke dieren krijgen ecthyma?
De problemen worden het vaakst gezien bij lammeren maar ooien kunnen ook problemen krijgen als zij niet eerder in aanraking zijn geweest met het virus. Bij lammeren zit de aandoening voornamelijk aan de bek en soms de pootjes, bij ooien wordt vaak het uier aangetast. Oudere, niet lacterende dieren worden vaak niet erg ziek, wel kan de ecthyma – met name in het najaar - gezien worden aan de kroonrand waardoor dieren kreupel kunnen gaan lopen.

Hoe herken ik ecthyma?
De aandoening is vaak goed te herkennen aan blaasjes en later korstjes die ontstaan op lippen, neus, uier en soms de poten. Het virus nestelt zich eerst in kleine wondjes, waar het zich makkelijk kan vermeerderen. Tijdens dat vermeerderen komen er eerst blaasjes op de huid of slijmvliezen, die vervolgens openbreken. De wondjes die ontstaan zijn krijgen vaak dikke korsten.

De wondjes kunnen geïnfecteerd raken met bacteriën waardoor ze groter en hardnekkiger worden. De aandoening is pijnlijk waardoor de lammeren vaak slechter drinken en ooien die plekken op het uier hebben de lammeren niet meer laten drinken. Ooien lopen door het volle uier en de geïnfecteerde plekken kans om uierontsteking te ontwikkelen. Af en toe wordt een zeer ernstige vorm gezien op de poten en de kop als een agressieve bacterie voor zeer uitgebreide ontstekingen zorgt.   

Door vochtophoping als gevolg van de plekken kunnen de lamneren dikke koppen krijgen. Verwarring met het beeld van blauwtong is daardoor soms mogelijk.

De ziekte is ook overdraagbaar op de mens in de vorm van een pijnlijke en ernstig jeukende huidontsteking.  Dit kan gepaard gaan met koorts en zwelling van de plek en de daarbij behorende lymfeknopen. Draag daarom altijd handschoenen als je dit soort dieren gaat behandelen, en was na contact met de dieren uw handen goed met water en zeep!  

Hoe behandel ik ecthyma?
Omdat het probleem veroorzaakt wordt door een virus is er geen echte behandeling mogelijk. De behandeling bestaat met name uit het ondersteunen van de dieren tijdens het herstelproces en het voorkomen of behandelen van bacteriële infecties. Het genezingsproces kan versneld worden als de wonden snel indrogen en het virus geen kans krijgt om te vermeederen. Dit kan gedaan worden met  CTC-spray of jodium spray. Ook aluminiumspray kan gebruikt worden vanwege het afdekkende effect dat dit product heeft. Om de klinische klachten in een koppel te verminderen is vaccinatie van de koppel mogelijk.

Het gebruik van een pijnstiller zorgt ervoor dat dieren met zere bekjes beter blijven drinken en zeker bij ooien met aantasting van het uier zorgt het ervoor dat de ooi het toelaat dat de lammeren drinken. Waarschijnlijk zorgt dit ook voor een sneller herstel omdat de dieren in een betere conditie blijven en de uiers niet vol blijven zitten met melk. 

Een uitbraak van ecthyma duurt 6 tot 8 weken, vaak heb je er dus het resterende lammerseizoen last van. Het direct afzonderen van de eerste gevallen kan helpen om verspreiding te voorkomen. Helaas betekent eenmaal een uitbraak vaak dat je het komende jaren terug gaat zien. Met name het eerste jaar worden problemen gezien bij de ooien, de jaren daarna hebben deze weerstand en zullen de problemen zich vaak beperken tot de lammeren. 

Hoe voorkom ik ecthyma?
Het ecthymavirus is zeer resistent. Droge korsten die van de wondjes zijn gevallen blijven bij lage temperaturen lang infectieus. Bij vochtigheid en hoge temperaturen gaat de besmettelijkheid van deze korsten wel snel verloren. Als er eenmaal een dier tussen de koppel loopt met echtyma gaat de verspreiding erg makkelijk door direct contact of via bijvoorbeeld spenen aan een speenemmer of drinkautomaat.

Omdat er in eerste instantie een huidbeschadiging nodig is om het virus een kans te geven moet er geen handelingen als oormerken plaatsvinden ten tijde van een uitbraak.  Bij leblammeren helpt het zeker om de spenen na elke voeding schoon te maken of, bij gebruik van een lambar of drinkautomaat, de individuele spenen van elkaar te scheiden door schotjes waardoor de dieren elkaar minder makkelijk met de snuit van een speen af kunnen duwen. Vaccinatie is mogelijk. Afhankelijk van wanneer de grootste problemen worden gezien kan er gekozen worden om de ooien te enten of juist de lammeren zelf. De enting maakt gebruik van een levende entstof waardoor het niet aan te raden is om te beginnen met enten als je geen problemen hebt. Helaas blijven er bijna altijd dragerschapen over na een uitbraak waar geen verschijnselen aan waargenomen worden maar die wel het virus bij zich dragen. Hierdoor blijft de infectie in de koppel rond gaan. Doordat er wel weerstand wordt opgebouwd zijn met name de nieuwe lammeren in het volgende jaar gevoelig. Door het ontstaan van dragerdieren blijft aankoop van een ram of nieuwe ooien altijd een risico, het hoeft ook tijdens een quarantaine periode niet zichtbaar te worden.